Ionenwisseling is een veelgebruikte techniek om ongewenste stoffen uit water te verwijderen. De methode wordt toegepast in uiteenlopende sectoren: van grondwaterzuivering tot andere milieutechnische toepassingen. Ook bij de verwijdering van PFAS uit grondwater kan ionenwisseling een belangrijke rol spelen.

Terug naar de basis: moleculen, atomen en ionen

Om te begrijpen hoe ionenwisseling precies werkt, is het belangrijk eerst helder te hebben wat een ion is. Daarbij is het ook nuttig om te weten waarin een ion verschilt van een molecuul of een atoom.

  • Een atoom is het kleinste bouwsteentje van een stof, zoals waterstof (H), zuurstof (O) of natrium (Na). Een atoom bestaat uit drie soorten deeltjes: protonen (positief geladen), neutronen (neutraal geladen) en elektronen (negatief geladen). Die elektronen bewegen rond de kern.
  • Moleculen ontstaan wanneer meerdere atomen met elkaar verbonden zijn. Voorbeelden zijn  (H₂O) en koolstofdioxide (CO₂).
  • Ionen zijn atomen of moleculen met een elektrische lading. Dat ontstaat wanneer ze elektronen verliezen of opnemen. Omdat elektronen negatief geladen zijn, geldt: verliest een atoom of molecuul elektronen, dan blijft er een positieve lading over en spreken we van een kation. Neemt het juist extra elektronen op, dan krijgt het een negatieve lading en noemen we het een anion.

Wat is ionenwisseling?

Ionenwisseling is een techniek waarbij ongewenste ionen uit een waterige stroom worden verwijderd door ze uit te wisselen met minder schadelijke ionen. Dit gebeurt in een ionenwisselaar: een installatie gevuld met een speciale hars.

Het principe is eenvoudig: tegengestelde ladingen trekken elkaar aan. De hars heeft zelf een lading en trekt daardoor ionen met de tegenovergestelde lading uit het water aan. In ruil daarvoor laat de hars andere ionen los die er al aan gebonden waren..

Er bestaan twee hoofdtypen:

  • Kationenwisselaars: de harsdeeltjes zijn negatief geladen en trekken daardoor positief geladen ionen aan. Deze worden uitgewisseld tegen andere positief geladen ionen die in de hars aanwezig zijn.
  • Anionenwisselaars: de harsdeeltjes zijn positief geladen en trekken daardoor negatief geladen ionen aan. Deze worden uitgewisseld tegen andere negatief geladen ionen die in de hars aanwezig zijn.

Waarom vindt uitwisseling plaats?

Misschien denkt u: als de hars al ionen gebonden heeft, waarom zou die dan nog iets willen uitwisselen? Dat komt doordat sommige ionen een sterkere aantrekkingskracht op de hars uitoefenen dan de ionen die er al vastzitten. Dat kan zijn omdat ze meer lading dragen of omdat ze kleiner zijn en dichter bij de hars kunnen komen. De sterkere ionen nemen dan de plaats in, waardoor de andere ionen worden losgelaten.

Hoe werkt ionenwisseling bij PFAS-verwijdering?

Veel PFAS-stoffen hebben een zure kopgroep (zoals -COOH of -SO₃H). In (grond)water met een neutrale pH geven deze groepen gemakkelijk hun waterstofion (H⁺) af, omdat zuren in water de neiging hebben dit los te laten. Dat proces heet deprotonering. Wat overblijft is een negatief geladen deeltje: een anion. Daarom wordt een anionenwisselaar ingezet om PFAS uit het water te verwijderen.

Tijdens de ionenuitwisseling stroomt het PFAS-verontreinigde grondwater door een kolom met de positief geladen hars. De negatieve PFAS-ionen worden aangetrokken door de hars en uitgewisseld met andere negatieve ionen. Zo blijft de  PFAS achter in de hars, terwijl het gezuiverde water de installatie verlaat.

Na verloop van tijd raakt de hars verzadigd. Er zijn dan twee mogelijkheden:

  • Regeneratie: de hars wordt doorgespoeld, waarbij de PFAS vrijkomen in een geconcentreerde afvalstroom.
  • Vervanging: de verzadigde hars wordt vervangen door een nieuwe lading, waarna de oude hars verantwoord wordt afgevoerd.

Het verschil met actieve koolfiltratie

Actieve kool verwijdert PFAS door adsorptie: PFAS-moleculen hechten zich aan het oppervlak van koolstofdeeltjes. Dit werkt vooral goed bij lange, meer hydrofobe PFAS, zoals PFOA en PFOS. Ionenwisseling is daarentegen vaak effectiever bij kortere of meer hydrofiele PFAS, zoals PFBA en PFBS. Deze stoffen binden minder goed aan actieve kool, maar laten zich wél efficiënt uitwisselen via geladen hars.

In de praktijk worden beide technieken dan ook vaak gecombineerd. Zo kan actieve kool de lange ketens afvangen, terwijl ionenwisseling de kortere ketens verwijdert.

Wilt u weten of ionenwisseling geschikt is voor uw project? Neem vrijblijvend contact met ons op. We denken graag met u mee over een passende oplossing voor uw probleem.

 

Deel dit verhaal!